Op bezoek in Épernay

Wat maakt dat een champagne tot de top behoort?
Een uitstapje naar Moët & Chandon.

  

Porsche Panamera 4 E-Hybrid Sport Turismo
Brandstofverbruik gecombineerd: 2,9–2,8 l/100 km
Stroomverbruik gecombineerd: 16,2–16,1 kWh/100 km
CO2-uitstoot gecombineerd: 66–64 g/km
Efficiëntieklasse: A+

Luister hier naar het artikel (alleen in het Engels)


Het Marnedal is idyllisch: diep groen, een bochtige weg langs goed verzorgde wijngaarden op de hellingen, stenen huizen in historische dorpjes. Tot aan Épernay is het nog maar een paar kilometer. Met de Porsche Panamera 4 E-Hybrid Sport Turismo bereiken we de belangrijkste straat van deze stad met zo’n 23.000 inwoners in het noordoosten van Frankrijk, de Avenue de Champagne. Hier zijn de grote champagnehuizen thuis. Merken als Heidsieck en Perrier-Jouët bijvoorbeeld. De trotse gebouwen van lichte steen direct aan het begin van de straat behoren tot het huis Moët & Chandon, dat in 1743 werd opgericht door Claude Moët.

Doel bereikt:

Doel bereikt:

De belangrijkste champagneproducenten zijn gevestigd in Épernay.

De lucht in de koele kalksteenkelder is vochtig, de geur is oud. Links en rechts van de gang: eindeloze rijen flessen. Hier, diep onder de grond, perfectioneren de champagne-experts de processen voor de perfecte mousserende wijn, vooral de beroemde tweede gisting die de wijn pas echt in champagne verandert: fruitig, met een eigen structuur en die heerlijke hedonistische bubbels.

Al snel na de oprichting werkte de familie Moët zich op tot leverancier van de crème de la crème, de mensen met macht, geld en schoonheid. En dat internationaal: in 1762 gingen de eerste flessen naar Rusland, iets later volgde Amerika en vanaf de 19e eeuw ook Brazilië en China. Vandaag de dag staat Moët & Chandon wereldwijd voor genot en luxe, niet meer weg te denken uit onze cultuur: de champagne speelt een rol in hollywoodfilms als Pretty Woman en The Great Gatsby, artiesten van Snoop Dogg tot Queen zongen erover. Tennisser Roger Federer is de officiële merkambassadeur van het champagnehuis, en na iedere race in de Formule E staan de grote flessen Moët & Chandon klaar voor de gebruikelijke champagnedouche tijdens de prijsuitreiking.

De kelders strekken zich uit over een lengte van 30 kilometer.
Hier liggen tot 100 miljoen flessen.

De duurste millésimés van het bedrijf – de oudste is van 1882 – kosten meer dan 10.000 euro.

Het bedrijf is onderdeel van het Franse luxeconcern LVMH, waartoe ook het merk Dom Pérignon behoort, en publiceert geen precieze hoeveelheden. Naar verluidt wordt er echter iedere seconde ergens op aarde een fles van het champagnehuis geopend. Dat zou overeenkomen met ruim 31 miljoen flessen per jaar – de 1200 hectare aan eigen wijngaarden zijn goed voor ongeveer een kwart daarvan. De rest wordt in de vorm van basisproducten als druiven, most of wijn geleverd door wijnboeren, die aan strenge kwaliteitscriteria moeten voldoen. Die basisproducten worden in Épernay verder verwerkt. In principe kunnen tussen de 8000 en 10.000 flessen champagne per hectare worden geproduceerd.

Benoît Gouez, sinds 2005 keldermeester, is precies op tijd. Ook zijn uiterlijke verschijning past: een verzorgde stoppelbaard, een wit overhemd, daaroverheen een perfect passend donker pak met bijpassend pochet. Hij heeft een heldere blik en een prettige stem. “Onze Cuvée Impérial is fruitig, genereus en elegant”, zegt hij. Deze champagne werd in 1869 gecreëerd ter ere van de honderdste geboortedag van Napoleon Bonaparte, ooit een stamklant van het huis, en heeft een aandeel van zestig procent van alle producten in de wijnkelder.

Traditie:

Traditie:

Napoleon Bonaparte dronk al graag Moët & Chandon.
Hij gaat over de smaak:

Hij gaat over de smaak:

Keldermeester Benoît Gouez kent de bijzonderheden van elke jaargang.

Een opvallend frisse stijl is een traditie voor Moët, en het is de taak van de wijnmaker om deze constant te houden. Hiervoor worden wijnen van verschillende jaargangen – meestal drie – en ruim honderd vaten samengebracht tot een cuvée. Het grootste aandeel wordt momenteel gevormd door wijnen van 2016, gemengd met kleinere hoeveelheden uit 2015 en 2014. De Impérial is daarmee een behoorlijk nauwkeurige afspiegeling van de druivenrassen in de Champagnestreek: ruim een derde Pinot Noir, net ietsje minder Pinot Meunier en 25 tot 30 procent Chardonnay. Hij ruikt naar lichte bloesems en een vleugje perzik. De vrucht is helder en de kleine bubbeltjes met de prettige zuurtoon smaken direct naar meer.

Gouez: “Het is een champagne voor de brede smaak.” De keldermeester heeft in de loop der jaren echter niet alleen het verkoopsucces Impérial indrukwekkend doorontwikkeld, maar ook de exclusieve millésimés van het huis. “Onze Vintage is voor mij bijvoorbeeld veel persoonlijker. Deze is voor mensen met meer verstand van champagne die graag iets nieuws willen ontdekken, en die waardering hebben voor het unieke karakter van een jaargang.” Bij de Grand Vintage van 2012 komt dit karakter tot uiting in limoenschil, abrikoos en een vleugje hazelnoot in de geur, bijzonder kleine bubbeltjes en een precieze structuur. In tegenstelling tot de Impérial zijn de basiswijnen voor de Grand Vintage meestal grand cru’s, waarbij de druivensoorten variëren. In de jaargang van 2012 is de Chardonnay bijvoorbeeld dominant met een aandeel van 41 procent, maar dat is geen vaste regel, volgens Gouez. De Vintage krijgt zes jaar de tijd om te rijpen en zo zijn bijzondere finesse op te bouwen. Ter vergelijking: de Impérial wordt al na twee jaar gebotteld. “Ook al is de Vintage een complexe wijn,” zegt Gouez en hij glimlacht “de nadruk ligt altijd op het genieten.”

SideKICK: Champagnedouche

19 juni 1966, de 24 uur van Le Mans. Op het podium: de Zwitserse coureur Jo Siffert, winnaar van de tweeliterklasse en de index rating. Hij neemt een jeroboam, een drieliterfles, Moët & Chandon in ontvangst, maar zet deze opzij om eerst het volkslied voor de winnaar te luisteren. De snikhete junizon zorgt echter voor druk in de fles en de kurk knalt eruit – gevolgd door de champagne. Iedereen in de buurt van de fles krijgt zo een douche, voordat ze de gebruikelijke winnaarsslok kunnen nemen.

Alle champagnedouches in de motorsport gaan terug tot dit moment, hoewel de actievere variant pas een jaar later werd ingevoerd. De Amerikaanse Le Mans-winnaar Dan Gurney schudde zijn champagnefles en maakte het eerste slachtoffer: Porsche-coureur Jo Siffert. Van 1966 tot 2000 was Moët & Chandon de officiële champagneleverancier voor de Formule 1. Sinds 2018 knallen de kurken van het merk bij de Formule E.

Christian Arnold
Christian Arnold